Het eiland ligt ook voor een stuk bedekt met lava: de a-a lava. Dat kan Rian bevestigen. Als je er met je tenen tegenloopt, dan kan dat behoorlijk gaan bloeden. Vandaar de a-a
De Galápagos eilanden (3)
Als je van een slechte nacht spreekt, dan kan deze wel tellen. Nadat ik nog op het zonnedek even naar de sterren ben gaan kijken, ben ik mijn bed ingekropen. Er is behoorlijk lawaai en ook de boot gaat danig te keer. Je wordt in je bed van links naar rechts gerold en dan weer van boven naar beneden. Hoe verder de nacht vordert, hoe erger het wordt. De stoel valt ook een paar keer om. De eerste keer zet je hem recht, maar de 2de keer kom je je bed er niet meer voor uit. De gordijnen flappen ook heen en weer, alsook de kast die rammelt. Er gaat geen uur van de nacht voorbij, zonder dat ik het zie. Rond 4 uur gooien ze het anker en keert de rust terug. Maar veel tijd om te slapen rest er niet meer. Om 7uur zitten we alweer aan het ontbijt. Zij het met kleine oogjes, maar we zijn zeker niet alleen. Iedereen heeft een slechte nacht achter de rug.
Om 8uur worden we met de dingy naar het eiland Isabella gebracht. De eerste activiteit van de dag is een wandeling naar een caldera van de Sierra Negra vulkaan. Wil gaat niet mee met de wandeling. Zij wordt afgezet aan het Giant Turtle Breading Centre. Nu dat we er toch zijn, neemt iedereen een kijkje. Je hebt de schildpadden in allerlei formaten en leeftijden. De ene is nog maar een jaar of 5-6, de andere een jaar of 100. 🙂 Heel mooi om te zien. En het is zeker een noodzaak dat er zo’n centra zijn. Zo wordt de populatie en de soort in stand gehouden. Veel tijd hebben we echter niet en we moeten terug het busje in. Nu ja, busje. Een kleine truck eigenlijk, met 3 bankjes achter elkaar. Maar met te weinig plaats voor iets grotere mensen. Je knieën moet je bijna in je nek leggen. Na ongeveer een rit van een uurtje over onverharde weg, komen we aan bij de begin van de wandeling. Op Isabella zijn er nog 5 vulkanen, allemaal actief. De Sierra Negra heeft de 2de grootste caldera van de wereld. We zijn aan de zee vertrokken met mooi weer, maar boven is
het bewolkt en modderig. Nooit regen op de eilanden???? Volgens mij kan je niet spreken over ‘nooit’
Het gaat behoorlijk omhoog en het tekort aan slaap weegt door. Ook is het precies of ik de dag ervoor zwaar op de boemel ben geweest en nog steeds niet nuchter ben. De grond onder mij gaat behoorlijk zijn gang, van links naar rechts. Heb duidelijk last van zeebenen. 
Onderweg en boven is er eigenlijk niet veel te zien. Alé, dat is mijn mening natuurlijk. Boven aan de caldera hangt er redelijk wat mist. Dus veel is er niet te zien van de caldera. Nu en dan komt er een ander stukje zichtbaar, maar heel spectaculair kan ik het niet noemen. Tegen half 12 pikken we Wil weer op en keren we terug naar de boot voor de lunch. Aan de kaai is het toch genieten van het zonnetje en de blauw blauwe zee. Ze is echt blauw hier.
Na de lunch vertrekken we voor (wat later bleek) de laatste snorkel. We gaan naar Isabella terug. Het water zou daar kouder zijn dan wat we tot nu toe hebben gehad. Ik vraag een wetsuit, maar in mijn maat is er geen meer. Dus ik doe dan maar een short en een t-shirt aan. De snorkel gebeurt in groep. Dat vind ik niet zo handig. Je krijgt meer dan eens een flipper in uw gezicht, of je deelt zelf iets uit. En iedereen verdringt zich op de plek waar iets te zien is. We gaan naar een soort spelonk achtig iets. Daar zouden witpuntrif haaien moeten zitten. Inderdaad als je de smalle spleet in gaat, zie je deze redelijk grote haaien. Ik vind het toch iets te smal (ook als je daar met 2 moet in manoevreren) en ik zwem door. Ik zie de haaien dus niet onder me zwemmen. De snorkel zit er vrij snel op voor mij. Een beetje een tegenvaller.
We keren terug naar de boot voor een klein beetje platte rust. Om 16uur vertrekken we alweer naar het eiland voor een wandeling. Het is een dry landing. Het eiland stikt van de zeeleguanen. Ze liggen echt in hoopjes bij elkaar. Na 3 dagen hebben we ze nu eigenlijk wel gezien. Maar onbewust blijf je toch foto’s maken. We staan nu ook boven de spelonk, dus je kan nu heel mooi de witpuntrif haaien bewonderen. Ik heb ze dus toch nog gezien. Ze zijn behoorlijk groot toch. We lopen een heel stuk langs de zee. Spijtig genoeg is er geen tijd geneog om gewoon te zitten en te genieten. Ook de perfecte foto lukt niet bij gebrek aan licht.
Het eiland ligt ook voor een stuk bedekt met lava: de a-a lava. Dat kan Rian bevestigen. Als je er met je tenen tegenloopt, dan kan dat behoorlijk gaan bloeden. Vandaar de a-a
We lopen het kleine stukje eiland rond en keren terug naar de boot. Het is immers alweer tijd voor de briefing en avondeten. Het schema blijft strak 
Het eiland ligt ook voor een stuk bedekt met lava: de a-a lava. Dat kan Rian bevestigen. Als je er met je tenen tegenloopt, dan kan dat behoorlijk gaan bloeden. Vandaar de a-a
Net na het eten beginnen we alweer te varen. Deze keer tegen de stroming en tegen de wind in. Dat belooft!! Ik neem voor alle zekerheid een touristil. Je weet maar nooit!!
De Galápagos eilanden (2)
Ontbijt om 7 uur. Vakantie noemen ze dat. 🙂 Van Santa Cruz zijn we vannacht gevaren naar Bartolomé. Om 3 uur werd het anker gelicht en zijn we vertrokken. Het werd een erg schommelige nacht. Na 3 uur is er van slapen niet veel meer in huis gekomen.
Eerste uitstap vanmorgen is de klim naar de vuurtoren met zicht op de Pinnacle Rock. Het bekendste plaatje van de Galápagos eilanden (het zegt mij niks, maar ja dat is niet nieuw
) Op ons gemak maken we ons klaar. Het is een dry landing, dus de Teva’s zijn voldoende. Met de dingy worden we aan land gebracht. Onderweg zien we ook de eerste Galápagos pinguin voorbij schieten. Het pad is zand met kleine steentjes tussen. Niet zo handig dus met sandalen. Maar al snel komen we op het uitgelegde houten pad. Veel makkelijker lopen. Van op het pad kunnen we ook mooi een onderwater krater zien. Op die plaats is de zee blauwer dan errond. Heel speciaal om te zien. Onderweg krijgen we voldoende uitleg over het ontstaan en de geschiedenis van het eiland. Too much information om op te slaan. Mijn hersenen nemen ook vakantie. Wel hoor ik dat door het verschuiven van de platen (ondergronds dus) dat de eilanden elk jaar 10 centimeter dichterbij het bij vasteland komen. Ook kunnen er binnen een 100tal jaren eilanden verdwenen zijn en compleet nieuwe ontstaan zijn. De nieuwe onstaan meestal uit vulkaanuitbarstingen.Om boven te geraken, dienen er een heel aantal trappen genomen te worden. We hebben een tijdje op hoogte gezeten en het trappen lopen gaat toch behoorlijk goed. Hebben we dan toch iets van conditie opgedaan? 🙂
Langs het pad zien we onze eerst soort lava: de tuff lava. Blokken die er loodzwaar uitzien, kan je zonder moeite boven je hoofd steken. Een beetje Ijsland en Cappadocië achtig.Van bovenuit heb je een prachtig uitzicht over de omgeving. Langs de ene kant de zee, de andere kant zie je de boot liggen. Nog een andere kant uit zie je weer een mooi wit strand en dan nog een andere kant de Pinnacle ROck. Allemaal omringd door heuvels. Het totaal plaatje klopt. Hier kan je uren gewoon kijken en honderden foto’s maken. Dit is ook de uitgelezen plek voor een groepsfoto. Je moet je soms wel vasthouden want de wind schiet behoorlijk hard daarboven. Dan dalen we weer af richting dingy die ons terug naar de boot zal brengen. Veel tijd hebben we daar niet, want de volgende activiteit staat al gepland. Opnieuw de bikini aan, en de snorkelspullen gepakt. We gaan een snorkel vanuit de dingy doen. Dit wil zeggen dat we niet aan land gaan, maar gewoon vanuit de dingy de zee in. We varen rond de Pinnacle Rock naar een baai. Daar vertrekken we voor een GEWELDIGE snorkel. Het is nogal moeilijk uit te leggen aan iemand die het niet gezien of meegemaakt heeft. De zeeleeuwen zwemmen gewoon rond u. Ze passeren soms gewoon op 10-15cm van je bril. Ook zien we een aantal pinguins voorbij zoeven. Ook de massa’s vissen dat je te zien krijgt, zijn met geen woorden te beschrijven. Ik kan alleen maar hopen dat er iets kan worden weergegeven via de onderwaterfoto’s. De pinguin gaat te snel om vast te leggen, maar de zeeleeuwen zouden er hopelijk toch moeten opstaan. Wanneer je aan een rots een beetje blijft ronddobberen, kruipen zij op de rots om wat te rusten en dan springen ze pardoes voor u in het water. ONGELOOFLIJK gevoel. Samen met Wim komen Liesbet en ik veel later als de anderen aan het strand. We zijn helemaal rond de Pinnacle Rock gesnorkeld naar het strand. Dit is (ook achteraf gezien) de mooiste snorkel geweest. Tja, ik blijf het zeggen: is moeilijk uit te leggen 
Eens terug op de boot is het tijd voor de lunch en even wat platte rust. Lang duurt die niet want om 14u gaan we alweer, in bikini en gepakt met de snorkelspullen, de dingy in voor alweer een snorkel. Deze keer worden we naar het strand van Santiago gebracht en vertrekken we vanaf het strand. Buff op het hoofd, bril en flippers aan, snorkel in de mond en we kunnen vertrekken. Spijtig genoeg zijn er niet veel vissen te zien, maar we beleven alweer een hoogtepunt. Langs de rotsen zwemt een zeeschildpad. WAUW, het is net Dory van Finding Nemo. Ongelooflijk mooi (alweer
). We kunnen ze een tijdje volgen. Maar met een heel bende achter één schildpad zorgt wel een beetje voor ergenis. Ik laat ze dan ook maar alleen verder gaan. Ik vond het zo al een ervaring. Op weg naar het strand kom ik nog 2 zeeleeuwen van heel dicht tegen. Het is een korte snorkel want er staat nog een activiteit gepland vóór het avondeten. Alles is zeer in schema gestoken 🙂 Om 16uur vertrekken we alweer naar Santiago voor een wandeling over het lava. Dit keer geen tuff lava, maar touw lava. Het lava is echt in een vorm gesmolten dat je het als touwen kan zien. Mooi gedraaid, allemaal figuren. Heel mooi om te zien. OOk hier kan je blijven foto’s maken. Want elke stap die je zet, geeft een ander beeld, ander licht of een andere structuur. Het is al bijna donker als we terug naar de boot gaan. Even opfrissen, iets warmer aandoen en dan om 18.30u is het alweer briefing. De snorkels waren voor de meesten het hoogtepunt van de dag. Nadat we de uitleg en schema voor morgen hebben gekregen, is het alweer etenstijd.
Om 20uur wordt het anker gelicht en vertrekken we richting Isabella. Dit is een behoorlijke tocht, vandaar dat we zo vroeg vertrekken. De boot schommelt behoorlijk hard en dat zal zo nog een tijdje doorgaan. Rond 4uur zouden we moeten arriveren aan het eiland. Pas dan zal het lawaai ophouden. 
De Galápagos eilanden (1)
We vertrekken rond 9 uur naar de luchthaven. Annette helpt nog even met inchecken. Voor Umberto zit het werk erop. Eerst inchecken met de bagage dan de transit card aanvragen en invullen. Dat is het plan. En dat werkt ook voor 12 van de 16 mensen. Dan ineens is er een probleem. Dan moet de bagage eerst door een scanner zodat het een bagagelabel heeft. En dan kan er maar ingecheckt worden. Waarom het voor het eerste deel van de groep wel gaat en voor de laatsten niet meer is een raadsel. Na wat heen en weer gediscuteer zijn toch alle rugzakken en tassen ingecheckt en nemen we tijdelijk afscheid van Annette. Zij mag, spijtig genoeg, niet mee naar de eilanden. Zij vertrekt met de bus naar Baños voor enkele dagen.
Dan door de douane. Zelfs mijn schoenen moeten uit. En dit voor een kleine luchthaven, toch een grote veiligheid. Nog even wat drinken, nog een laatste pipistop en dan kunnen we boarden. Het ventje dat daarnet moeilijk deed, staat nu de instapkaarten na te kijken. Over de tarmac lopen we naar het vliegtuig. Het was ons al opgevallen dat we rij 1 zaten, maar ja, kan even goed nr.1 van de economy zijn natuurlijk. Het is dan ook een grote verrassing als we in het vliegtuig kom. We zitten daadwerkelijk op rij 1, maar dan effectief rij 1 van het vliegtuig. En dit wil zeggen: BUSINESS CLASS!!!

We zijn compleet verrast, samen met nog een aantal anderen. De 2 mensen die waarschijnlijk effectief voor Business Class hebben betaald, kijken maar zuur. Spijtig genoeg duurt de vlucht niet zo lang. Zo mogen ze ons nog eens zetten voor de vlucht naar Amsterdam. Dit is echt luxe. Je kan gewoon je benen strekken. Het tafeltje is 2 keer zo breed als normaal en je moet je buik niet intrekken als de lunch geserveerd wordt.
Na een uur en half zakken we door de wolken en komen de eerste eilanden in zicht.Nu komt het wel echt heel dichtbij. Als eersten stappen we op de tarmac van de luchthaven op Baltra. Het is aangenaam warm. We komen bij het luchthaven gebouw. Daar betalen we de 100 dollar voor het National Park. Als eersten maken we ook kennis met de gids voor de volgende dagen: Walter. We zijn te snel buiten, we moeten nog onze bagage gaan claimen. Alle bagage wordt in een kleine ruimte gezet en daar moet je je bagage gaan halen. Op basis van het ticket word je gecontroleerd of je uw eigen bagage meeneemt. Veel slecht weer verwachten ze hier niet, want het gebouw heeft zo goed als geen ramen. Alles is gewoon open.
We gaan nog even in het winkeltje een stempel halen voor ons paspoort. Dat kunnen we niet laten schieten natuurlijk. Met de bus worden we dan naar het haventje van Baltra gebracht.
Er liggen een heleboel boten in het kleine haventje. Dus het blijft gissen welke de onze is. Je hebt wel foto’s gezien, maar je kan hem toch niet zo makkelijk herkennen. Een rubberbootje voor 8 mensen ligt al op ons te wachten. Iedereen moet een zwemvest aan en dan het bootje in. Daar gaan we dan!! Onze ogen rollen bijna uit onze oogkassen als we de boot zien. Dit is echt luxe en moeilijk onder woorden te brengen. Ik heb natuurlijk al de cruise op de Nijl gedaan, maar deze boot is precies toch een klasse hoger. We krijgen een hut toegewezen. Man, man, man, dit is echt decadent. Alle andere boten zijn uitgerust met stapelbedden. Onze hut heeft gewoon de 2 bedden naast elkaar staan. Er is gewoon genoeg plaats om onze rugzak te zetten en dan nog een danske te placeren. Er zijn kamers deze vakantie geweest dat we zoveel plaats niet hadden. Ook de badkamer mag er zijn. We krijgen wat tijd om de bagage uit te pakken en de boot te verkennen. Het is echt moeilijk geloven dat dit allemaal voor echt is. Nu weten we weer waar we een heel jaar voor gewerkt en gespaard hebben. Om half 14 gaan we dan lunchen en wat staat er klaar?? Gewoonweg spagetti bolognaise. Wat moet ne mens nog meer hebben?? 
Na de innerlijke mens gesterkt te hebben, is het tijd om ons klaar te maken voor de eerste wet landing. We gaan van boord voor onze eerste wandeling en de eerste snorkel van de 4daagse. Een wet landing wil zeggen dat er geen platform is waar je aanlegt, maar dat je dus gewoon uit de boot moet, de zee in. 🙂 Wanneer we op het strand komen, is het eerste fotomoment al aangebroken. De eerste zeeleguaan zit te wachten op de papparazi. En het zal zeker niet de laatste zijn. Ook de krabben liggen op ons te wachten. Ze hebben een mooie rode bovenkant en hun gezicht is blauw. Een mooi gezicht en hopelijk ook mooie foto’s. De eerste wandeling kan beginnen. We zijn nog niet lang weg of we zien de eerste blauwvoetige Jan-Van-Gent’en. Of de blue footed boobies zoals ze zeggen.Straf dat die toch zo rustig blijven zitten met al de gekwetter en geklik rond hun. Een beetje verder beleven we iets unieks volgens Walter. Honderden blue footed boobies vergezeld van wat pelikanen vliegen ons voorbij. Het is net The Birds van Hitchcock. Echt onnoemelijk veel. Geweldig spektakel!!!
Een eindje verderop komen we aan een klein meertje. Daar zitten de flamingo’s van het eiland. Er zijn er nu maar een klein aantal, maar soms zit het er vol. Heel leuk om te zien is de samba flamingo. Het is nog een jonkie want hij is nog niet helemaal roze. Die staat echt te dansen op zijn poten om zo het zand op de bodem in beweging te krijgen en dan te zien wat er aan eten zit. Alleen de muziek ontbreekt nog 🙂 Langs het strand zien we ook een aantal putten in het zand. Dit zijn nesten van de schildpadden. Enkel het vrouwtje komt aan land. Zij maakt een put, legt haar eieren en vertrekt dan weer de zee in. De zon zal de rest doen. Het geslacht van de schildpadden wordt bepaald door de warmte. De bovenste hebben meer invloed van de zon en zullen de vrouwtjes worden. De onderste eieren, de laagste temperatuur dus, worden de mannetjes. Spijtig genoeg is het heel moeilijk voor de pas geboren beestjes om te overleven.
Na de wandeling is het tijd om de snorkelspullen aan te doen en het water in te duiken. Het is alweer een heel aantal jaren geleden dat ik het nog gedaan heb,n maar het is zo’n beetje als fietsen. Je verleert het niet. Het water is wel behoorlijk zout als je wat slokken binnen krijgt of een lek hebt aan je bril. Maar de eerste ‘oooohhh’ en ‘woooooow’ worden uitgesproken en de eerste onderwaterfoto’s worden genomen. Alweer een unieke ervaring. Dat zijn er al veel voor nog maar een halve dag op de eilanden te vertoeven 🙂 Wanneer iedereen uitgesparteld is, keren we terug naar de boot. We hebben even vrije tijd en om 18.30u worden we alweer in de zeteltjes verwacht voor de briefing. Eerst een welkomstdrink met de crew. Daarna meer informatie over de eilanden, de komende dagen en wat we nog mogen verwachten. Na een half uurtje is het dan tijd voor het avondeten. Iedereen is behoorlijk onder de indruk van de afgelopen uren en er wordt danig nagekaart. Ook het eten valt zeker in de smaak. Er is voor ieder wat wils. ’s Avonds worden we nog vergezeld door een pelikaan. Die zit rustig in het licht van de boot wat te dobberen en nu en dan een visje mee te pikken. Ondertussen is het pikkedonker buiten en zit de eerste dag erop. Moe maar voldaan gaan we de nacht in. Benieuwd wat het zal geven, want we varen ’s nachts naar de volgende bestemming.
Laatste dagen op het vasteland
Voor dat we in Cuenca waren, hebben we nog een tussenstop gemaakt in Incapirca. De enige Inca site in Ecuador. Nu ja, inca. Daar geloven we niet veel van. Alles is maar op elkaar gesmeten zoals ze denken dat het was. Maar als er één kenmerk is voor de inca’s is het wel de precisie waarmee alles gebouwd werd. Dus voor ons alles behalve een nuttige stop. Zeker niet in de regen.
Eens in Cuenca blijkt dat wij toch de mooiste dekbedovertrekken hebben van heel de groep. De jonkies hebben de kinderkamer gekregen. Het is niet enkel zo klein als een kinderkamer, de dekbedovertrekken zijn van Disney. Ideaal voor ons dus 🙂
Dan volgt dus de vrije dag in Cuenca. Veel kunnen we er niet van maken. Het eten van gisteren was zeer lekker, maar mijn darmen kunnen het blijkbaar niet aan. Ik zit de hele morgen op het toilet en het blijft lopen. Veel meer dan een paar korte bezoekjes aan de stad zitten er dus niet in. Eens we even weg zijn, volgt de roep naar de wc weer. We gaan toch een ijsje eten in één van de beroemde ijsjeszaken van Cuenca.
Na de middag blijft alles rustig en kunnen we toch iets langer weg van het hotel: wat internetten, eindelijk de kaartjes kopen (zijn al bijna 2 weken weg) De inspanningen van het toilet hebben me uitgeput en ik sla het avondeten over. Ik ging douchen, maar ben gewoon in slaap gevallen. Iets voor 21u komt Liesbet binnen en ze heeft hetzelfde als ik. Alles komt er weer uit. Iedereen moet er blijkbaar eens aan geloven.
Na de middag blijft alles rustig en kunnen we toch iets langer weg van het hotel: wat internetten, eindelijk de kaartjes kopen (zijn al bijna 2 weken weg) De inspanningen van het toilet hebben me uitgeput en ik sla het avondeten over. Ik ging douchen, maar ben gewoon in slaap gevallen. Iets voor 21u komt Liesbet binnen en ze heeft hetzelfde als ik. Alles komt er weer uit. Iedereen moet er blijkbaar eens aan geloven.
De volgende morgen staat El Cajas nationaal park op het programma. Ik voel me nog niet 100%, dus ik sla dit over. Blijkbaar is het echt de moeite want Liesbet gaat toch mee ondanks dat zij ook geen 100% is. Annette komt kloppen om te horen hoe het er mee gaat. Ze stelt voor van toch een staaltje binnen te brengen bij het labo. Ze gaat toch met Yvonne. Dus ik laat me dan toch maar overtuigen. Na een kop Oregano thee (echt degoutant, maar als ze met 4 op uw handen zitten kijken,…) nemen we de taxi naar het laboratorium. Daar kunnen we na 2 uur het verdicht ophalen. Om de tijd te doden ga ik samen met Helen en Rian de citytour doen. Een tour door de stad met zo’n typische dubbeldekker. Af en toe gaat er een sirene en dan moet je je bukken. De electriciteitskabels hangen op sommige plaatsen een beetje laag voor de bus. We rijden tot boven om een mooi overzicht te hebben over de stad. Vandaar lijkt het niet al te best weer in El Cajas. (dat zou achteraf maar schijn zijn geweest)
Rond 13uur zijn we terug in het hotel en heeft Annette de uitslag en medicijnen al opgehaald. 2 kruisjes: niet veel goeds dus 🙂 Nog snel iets eten om de medicijnen in te nemen en in de namiddag staat er een bezoek gepland aan een panamahoeden fabriek. De hoeden komen dus daadwerkelijk uit Ecuador en hebben door een dom toeval de naam ‘panamahoed’ gekregen. Eerst krijgen we heel het fabricatieproces te zien. En dan is er natuurlijk tijd om de hoeden te passen en te kopen. Er worden een heel aantal hoeden gepast en het is grappig om te zien hoe de ene wel staat met die hoed en de andere kompleet niet. Nadat de nodige inkopen zijn gedaan, keren we terug naar het hotel. We hebben nog tijd voor het avondeten en kunnen Nico nog overtuigen van nog een ijsje met ons te gaan eten. We willen een vergelijkende studie doen tussen de verschillende ijsjeszaken, maar we keren toch maar terug naar de vertrouwde. Nico gaat niet mee eten (hij moet nog werken) en als we buitenkomen, staan er weer een aantal verkopers met hun waren voor de deur. Hier vind ik een mooie ring en zo wordt de jaarlijkse traditie voortgezet.
De volgende morgen vertrekken we naar Guyaquil. De laatste stop vóór de eilanden. Extreem vroeg gaan we niet weg, maar het giet water. Dus het is niet zo erg om verder te reizen. Wel spijtig dat we zo weinig van de stad hebben kunnen zien door de omstandigheden. Aan de verhalen van de anderen moet het echt de moeite zijn.
Het is 5 uur tot Guyaquil en we gaan van 4.150m helemaal naar zeeniveau. Wordt een barre tocht voor de oren 🙂 Op een bepaald ogenblik gaan we gewoon door de wolken verder naar beneden. Daar komen we in een heel andere wereld terecht dan waar de afgelopen weken hebben gezeten. Hier wordt het drukkend warm, alleen maar velden (rijst, bananen, cacao) Iets voorbij de middag komen we aan in ons hotel. Dat niet mooi gelegen op een rustig plaatsje, maar gewoon knal naast een 4 baans snelweg en op 500m vogelvlucht of zo van de luchthaven. Hier kan je ervaren wat de mensen ervaren in Zaventem. Maar er is airco in de kamer en dat is ook wel welkom. Vermits het al een tijdje geleden is dat we ontbeten hebben, trekken we de stad in. Umberto zet ons af bij het leguanenpark in de stad. Heel grappig om te zien. Het is begonnen met 2 leguanen in het park en nu zitten ze er met een hele kolonie. Gewoon in de bomen, over het pad, in het gras. Ze komen blijkbaar niet meer uit het park uit. Vandaar lopen we door naar de Bolivar( een soort dijk aan de rivier.) Hier gaan we een hapje eten. Omdat het al redelijk laat in de middag is en we alweer snel moeten avondeten, wordt het een MC Donalds. Ook eens iets anders, alhoewel is weer pollo 🙂
Na de MC Pollo slenteren we de Bolivar af. Hier en daar de nodige fotostops,dan nog eens een terrasje.We moeten onze tijd vullen, want Umberto pikt ons pas op om 19u om te gaan eten. We hebben nog tijd om de 444 trappen te beklimmen van de Pena wijk. Gekleurde huisjes, de trappen omringd door allerlei barretjes, restaurants en discotheken. Was misschien wel leuk geweest om hier wat vroeger toe te komen. Maar goed, we klimmen tot boven en hebben daar een mooi zicht over de Bolivar, de stad en het vliegveld. Dit ligt, evenals in Quito, gewoon midden in de stad. Dat is ook duidelijk te merken in het hotel. Stipt op tijd pikt Umberto ons op om naar het restaurant te gaan. Het is zijn laatste avond met ons en het wordt iets chiquer als de andere avonden. Nu ja, dat zou het moeten zijn. Buiten dat de prijs hoger lag dan de voorbije avonden, vind ik het niet specialer of beter. Nadien drinken we nog iets in het hotel en hebben we nog een geschenkje voor Umberto. Het was een geweldige chauffeur waar je nooit bang hoefde te zijn, ondanks de soms redelijk slechte en smalle wegen. We zullen hem zeker missen de laatste dagen (na de eilanden). Dan nog snel de rugzak inpakken en dan bedje in. Morgen grote dag: Vertrekken we eindelijk naar de Galápagos Eilanden!!
Je moet van vanonder beginnen lezen he :-)
De afdaling begint ook in de wolken en op een heel stuk ongeasfalteerd wegdek. In het begin is iedereen wat onwennig, maar al snel zie je de eerste mensen aan een behoorlijke snelheid wegrijden. Na een aantal meter moet je altijd even stoppen want het uitzicht veranerd elke keer weer. Elke keer ander licht. nderweg komen we ook vicuñas tegen en lama´s. Eens aan het tichetoffice is de weg geasfalteerd en kunnen de snelheden opgedreven worden. Thuis durf ik echt niet snel, maar hier leg ik me als een volleerd afdaller over mijn stuur. Is er is natuurlijk zo goed als geen verkeer. Na 43km geweldig kickken, kpmen we terug aan de bus. De bus is en weer richting hotel. Nog snel douchen en dn is het alweer tijd om te gaan eten. Deze keer bij de italiaan. Lekker, maar niet speciaal.
De volgende dag kan je kiezen tussen een excursie of een vrije dag in Riobamba. We kiezen voor de uitstap naar een hacienda vqn een ecuadoriaanse familie. We worden opgehaald in de veewagen. Dus rechtstaan in de achterbak. Onderweg begint het te regenen en dat zal het bijna een ganse dag doen.
We krijgen een lekker ontbijt en dan vertrekken we voor de wandeling naar een of ander gebergte. Zo goed als heel de wandeling regent het en zitten we in de mist. Veel is er niet te zin dus. ´s Middags een veel te uitgebreide menu. En dan is er alweer een wandeling gepland naar de orchideeen en de kolibries. Ik heb het niet echt warm en blijf samen met enkelen anderen in de hacienda, lekker warm bj het houtvuur. Achteraf gezien een goed plan wan veel hebben ze niet gezien. Nog even koeien melken en dan chase de berg af naar de warmwatrbron. We zijn de enie buitenlanders, dus wij hebben nu bekijk ipv omgekeerd. Het doet in ieder geval deugd. Vervolgens naar het huis in de stad van de familie, waar we nog pizza krijgen. Hans is al heel de dag niet goed en wat hij gegeten heeft komt er uit. Het teken om terug naar Riobamba te gaa. Ik heb nog een beetje honger dus we gaan nog ies kleins eten. Snel even internetten en dan weer snel het bed in . Om 6uur vertrekken we om zeker plaats te hebben op de trein naar de duivelsneus.
We komen goed op tijd aan en dan begnt het wachten. Komt hij of komt hij niet? Kunnen we er op(ondanks de reservatie) of niet? Alles komt goe den de 2de trein die in het station stopt is die van ons. Langs een diepe afgrond rijden we naar de plaats van de duivelsneus. Een redelijk spectaculaire rit, maar de duivelsneus is niet veel speciaals.
Dan waar naar het station en vandaar verder naar Cuenca. De 3e grootste stad van Ecuador. Even relaxn op de veeeeeeel te kleine kamers, eten en weer slapen. Morgen = vandaag dus een vrije dag. Nu komen de eilanden wel heel dichtbij. Het aftellen kan beginnen.
Waarschijnlijk tot eind volgende week zal het hier stil zijn 
Hou jullie warm en tot de volgende.
We zijn echte bikkels 2
Aan dit kratermeer kan een trekking gedaan worden van een uur of 5-6. Het is langs het kratermeer en soms op een smal padje met een afgrond naast. Ik twijfel of ik mee ga, maar het alternatief is wachten en koffie drinken. Dus ik riskeer het maar. We hebben de inca trail ook overleefd. Samen met een aantal dapperen vertrekken we in ijskoude en harde wind. Het eerste stuk gaat redelijk vlot. Het gaat wat omhoog, wat omlaag. Maar er wordt regelmatig gestopt om de adem terug te vinden. Het uitzicht is fantastisch, en naarmate je langer wandelt, wordt het ook warmer en warner. Of komt dat door de inspanning.
Na een dikke 2.5uur wandelen ko,men we in een klein dorje. Rianne voelt zoch niet goed en besluit een taxi te laten bellen. Ondertussen eten we ons luncpakket op. Het duurt een ganse tijd voor dat er een taxi kom. Daar kunnen wij niet op wachten dus met de naam van het hotel en de gsm nummer van Annette blijft Rianne achter en wij beginnen aan het laatste stuk vn de tocht.
Wat dan volgt is een waare hel Het is enkel maar afdalen in de kloof. Langs een belachelijk smal pad en een alles behalve deftig pad. Liesbet blijft bij nmij en zoals echte ecuadoriaantjes (hand in hand) komen we toe waar de greop wacht. En het is nog niet gedaan. Er volgt nog een stuk afdaling. Mijn knieen willen absoluut niet mee en ik sta dan ook echt te bibberen op mijn benen. Eindelijk aat het dan naar omhoog. Dat gaat al een stuk beter. Maar de tocht is lang en zwaar. Ma bijna 6 uur lopen worden we onthaald door de groep die achtergebleven is. Zij zijn al in het hotel. Na een warme douche kikker je helemaal op. Maar de vroegte van deze morgen zit toch in de benen. Ondertussen is ook Rianne en Annette en Wim teogekomen. De groep is weer herrenigd.
Nog wat eten en dan vallen de ogen echt dicht. In de morgen staat er nog een wandeling gepland, maar die laat ik aan me voorbij gaan. Ik heb het evn gehad en wil wat slaap inhalen. Dat lukt aardig, ook omdat ik opgesloten zit in de kaemr. Langs buiten is een grendel en als ze die van buiten toe doen, dan krijg je die van binnen niet open. Gelukkig komt er iemand langs en geraak ik er op tjd uit. Ik maak nog wat fotos, pak mijn rugzak in en tegen dan is de groep ook terug van de wandeling.
We vertrekken weer helemaal ingepakt voor de volgende tocht. Hop naar Lasso. Ligt in de middle of nowhere en je moet een behoorlijke slechte weg over om er te geraken. Onderweg stoppen we nog bij een oude hacienda waar we koffie drinken. Voor ons eigenlijk niet zoveel te zien. Verder naar Lasso om daar dan het dagboek wat bij te schrijven en te eten. Verder kan je hier niks doen. In de morgen vertrekken we weer behoorlijk vroeg richting Riobamba.
We komen rond een uur of 11 aan in het hotel. Snel de koffers op de kamer en dan 2 blokken verderop onze uitrusting passen voor de afdaling van de vulkaan. De fietsen worden getest. We krijgen handschoenen, een bivakmuts en een winddichte broek. We vertrekken trouzwens op 4800 m.
Het busje met de fietsen en de lunch is wat later, dus dat geeft ons te tijd om te avcclimatiseren en te zien hoe het lichaam reageer op die hoogte. Je kan nog verder door naar de 2de berghut op 5000m. Ik voel me redelijk dus ik ga het proberen. Ik ben de laatste van de enekelen die het aandurven. Annette blijft ook constant bij mij. Ik wil het even opgeven, maar je ziet de hut al liggen. Na 45 min naar ademhappen af en toe kom ik toch boven. Alweer een overwinning op mezelf. Echte bikkels zijn we: Hans, Huub, Marjo, liesbet en ik. Wanneer we aan de afdaling beginnen naar de eerste berghut begint het te hagelen/sneeuzen. Gelukkig gaat de afdaling vlotter dan die in de kloof. Ondertussen is ook de lunch geserveerd en doen we krachten op voor de afdaling met de fiets. Enkele mensen hebben enormae last van de hoogte en blijven lijkbleek in de bus. Eens onze uitrusting aan, zijn we klaar voor de afdaling.
we zijn echte bikkels
Banos dus. ´s avonds gaan we lekker eten. De volgende dag worden we om 9u opgepikt om te gaan raften. We riskeren het toch na het teleurstellende avontuur van in Nepal. Wim, Bert, Nico, Helen en Ewout vergezellen ons. Na een dik uur rijden komen we aan aan de rivier. Eerst de safety instructions en dan worden we losgelaten op de rivier. Er is behoorlijk wat stroming en al snel zijn we het er over eens dat dit veel beter is dan vorig jaar. Een geweldige omgeving maakt alles goed. Veel rapids zijn er niet, maar die er wzijn, zijn toch redelijk heavy. Na ongeveer een 1.5uur komen we terug naan de taxi die ons terug naar een dorpje brengt. Daar krijgen we een eenvoudige lunch. En daarna terug naar Banos. Ook ´s avonds eten we alweer lekker.
De volgende dag is het een vrije voormiddag. Dus uitslapen. Liesbet slaapt iets langer dan ik, dus ik ga maar wat fotos maken van het hotel. Nog snel wat inkopen doen, want de volgende dagen is er niet veel meer te kopen onderweg. Rond 11.30u lopen we ng snel naar het internetcafe vanwaar ik bel naar bompa voor zijn 89ste verjaardag. Ik weet niet of hij er veel van verstaan heeft, maar achteraf blijkt dat hij toch gehoord heeft dat ik het was.
Vervolgens krijgen we de laatste update van de gezondheid van Wim. Hij heeft ook nog salmonella opgelopen en moet dus in het ziekenhuis blijven. Oook Annette besluit in Banos te blijven en wij gaan verder met Umberto de chauffeur. Er volgt een lange rit door een prachtig landschap naar Zumbahau.
Hier is eigenlijk niets te doen buiten de zaterdagmarkt van morgen. Het is een eenvaoudig hostal, met slaapzalen of gedeeld sanitair. Erg veel te doen is er niet, dus na alweer een simpele maaltijd liggen we om 21uur in ons bed. Om 5uur loopt de wekker af.
Het is buiten pikkendonker en op het hoofdplein nog niet veel te zien. Ik vraag lisbet of we wel naar buiten gaan, maar we doen het toch.
Om iets voor 6uur staan we op de beestenmarkt. De mensen komen van heinde en verre om hier hun waren en beesten teverkopen. Een mooi schouzwspel. Nadien lopen we terug naar het hoofdplein waar de gewone markt aan de gang is. Ook een waar schouwspel en een ideale plaats om wat mensen te fotograferen. Om 8uur zitten we al weer in de bus voor de korte toch naar Quilotoa, het kratermeer.
eerste keer internet 2
De eerste nacht is niet zo best. Ik zie elk uur van de nacht.
Vandaag vertrekken we naar de jungle. We vertrekken met mooi weer in Quito, maar hoe verder we rijden hoe bewolkter het wordt. We gaan over de pas van 4100m in de regen en de mist. Even verder in de afdaling maken we een kleine wandeling naar een meertje. Een eerste test hoe het lichaam omgaat met de hoogte. Het is een beetje stijgen en dalen, ind e modder. Het gaat redelijk goed, maar het meertje is niet te zien door de wolken. Redelijk nat gaan we weer naar de bus en rijden we door naar de warmwater bronnen van Pappallacta. Nog steeds ind e regen en de zwolken. Het is vandaag 200 jaar egelende dat de ecuadorianen de spanjaarden hebben verslagen, dus het wamwaterbad zit vol met ecuadorianen. Heel aparte sfeer. Het doet deugd de warmte. En het decor is ook geweldig. Na een uurtje rijden we door naar onze lodge. Onderweg pikken we nog de rubberen laarzen op devoor de wandelingen.
De lodge heeft een prachtig uitzicht over de jungle. Alleen spijtig dat het nog steeds wat bewolkt is. De excurisies voor morgen worden besproken en dan is he ttijd om te eten. Voor iedereen hetzelfde. Maar we hebben vrij laat geluncht dus veel honger heb ik niet. Nog even wat kletsen en dan bedje in. De geluiden zijn luid en aangenaam. s Nachts begint het te regenen en dus wordt het een drassige wandfeling. Wanneer we vertrekken valt het weer nog redelijk mee. We dalen de 100 trappen af en worden de rivier overgezet met een kano. Dan trekken we de junle in. We zijn nog niet zo heel lang weg als het opnieuw begint te regenen. We lopen redelijk beschermt dus ca va niog wel. Er kunnen nog fotos worden genomen. We krijgen ook een hoop uitleg over de krqchten vqnd e bomebn en waarvoor ze kunnen gebruikt worden. Na 2.5uur komen we aan in het dorpje van de quicha indianen. Niet helemaal zoals ik het me had voorgesteld, maar wel leuk om te zien.
Wanneer we willen vertrekken valt de regen echt met bakken uit de lucht. We wachten even, maar het klaart niet op. Dus regenjas aan en gaan. Op een uurtje staan we terug aan de kano en dan is het tijd voor de 100 trappen naar omhoog. Het valt redelijk mee. De 4 erdiepen trappen lopen thui sheeft toch iets uitgehaald
De rest van de excursies wordt geschrapt en het wordt een ontspannend namiddagje in de lodge. sAvonds doet liesbet nog een nachtwandeling. Even inpakken en slapen. Vandaag op weg naar Banos en daar zijn we nu.
Vervolg volt later. tijd is op
Adios!!
Vandaag vertrekken we naar de jungle. We vertrekken met mooi weer in Quito, maar hoe verder we rijden hoe bewolkter het wordt. We gaan over de pas van 4100m in de regen en de mist. Even verder in de afdaling maken we een kleine wandeling naar een meertje. Een eerste test hoe het lichaam omgaat met de hoogte. Het is een beetje stijgen en dalen, ind e modder. Het gaat redelijk goed, maar het meertje is niet te zien door de wolken. Redelijk nat gaan we weer naar de bus en rijden we door naar de warmwater bronnen van Pappallacta. Nog steeds ind e regen en de zwolken. Het is vandaag 200 jaar egelende dat de ecuadorianen de spanjaarden hebben verslagen, dus het wamwaterbad zit vol met ecuadorianen. Heel aparte sfeer. Het doet deugd de warmte. En het decor is ook geweldig. Na een uurtje rijden we door naar onze lodge. Onderweg pikken we nog de rubberen laarzen op devoor de wandelingen.
De lodge heeft een prachtig uitzicht over de jungle. Alleen spijtig dat het nog steeds wat bewolkt is. De excurisies voor morgen worden besproken en dan is he ttijd om te eten. Voor iedereen hetzelfde. Maar we hebben vrij laat geluncht dus veel honger heb ik niet. Nog even wat kletsen en dan bedje in. De geluiden zijn luid en aangenaam. s Nachts begint het te regenen en dus wordt het een drassige wandfeling. Wanneer we vertrekken valt het weer nog redelijk mee. We dalen de 100 trappen af en worden de rivier overgezet met een kano. Dan trekken we de junle in. We zijn nog niet zo heel lang weg als het opnieuw begint te regenen. We lopen redelijk beschermt dus ca va niog wel. Er kunnen nog fotos worden genomen. We krijgen ook een hoop uitleg over de krqchten vqnd e bomebn en waarvoor ze kunnen gebruikt worden. Na 2.5uur komen we aan in het dorpje van de quicha indianen. Niet helemaal zoals ik het me had voorgesteld, maar wel leuk om te zien.
Wanneer we willen vertrekken valt de regen echt met bakken uit de lucht. We wachten even, maar het klaart niet op. Dus regenjas aan en gaan. Op een uurtje staan we terug aan de kano en dan is het tijd voor de 100 trappen naar omhoog. Het valt redelijk mee. De 4 erdiepen trappen lopen thui sheeft toch iets uitgehaald
Vervolg volt later. tijd is op
Adios!!
eerste keer internet
Jp, hier zijn we dan!! De eerste keer dat we internet hebben kunnen vinden.
We zijn vorige zaterdga vrtrokken. We kwamen ruim op tijd aan in schiphol. De stoelen konden we niet meer regelen. Blijkbaar kan je 24 uur van tevoren inchecken via internet: Is dus goed om weten. Rond half elf konden we aan boord en gingen we op weg nnaar Bonaire: 9.5uur vliegen. Rond 3.30u plaatselijk tijd komen we daar aan. Nog steedz hetzelfde gebouwtje, maar wel al airco. Na een uur vertrekken we weer. Maar niet naar Quito, maar we doen nog een tussen stop in Guyaquil. DFaar wer een uur wzchten op het vliegtuig deze keer: Vandaar vliegen we verder naar Quito: 8 uur plaatselijke tijd komen we daar aan. Voor onze biologische klok is dat us 15u.
Annette staat ons op te wachten en we maken kennis met de groep. Rond 9u zijn we aan het hotel. We krijgen tot 12.45u d tijd om wat te rusten en te douchen. We gaan er echter direct op uit, maar er is gewoon niks opn op zondag. Dus wordt toch even op het bed liggen.
Rond een uur vertrekken we dan naar de evenaar. Ni ja, ze hebben er hier 2
De eerste is de toeristische. Daar zijn ook folklorische dansen en daar nemen we dan ook lunch. We nemen de verplichte fotos aan de bordjes van de evenaar en lopen nog wat rond. Vandaar gaan we naar het echte punt waar de evenaar passeer. We krijgen een hele uitleg, maar krijg er niet veel van mee. De hoogte en de eerste warmte speelt awat parten denk ik, want heb barstende hoofdpijn. We doen allerlei proefjes op en naast de evenaar, zoals bijvoorbeeld een ei op een nagel laten staan.
We rijden daarna terug naar het hotel en om 19u gaan we eten. Het uurvrschil begint nu echt door te wegen de oogleden ook
. om 21u liggen we doodop in sons bed. Voor ons is het echter al 4uur in d morgen.
