Mijn schoenen laten op zich wachten dus ik geef mijn geld aan Moulli en samen met Desiree en Peter ga ik het dorp in. Het is ondertussen helemaal opgeklaard en zelfs warm. Op mijn slippers gaan we de markt op. Je wil niet weten waar je allemaal intrapt, want het zal niet alleen zand met water zijn. De behoeften worden ook gewoon op straat gedaan… Het is een leuk tripje.
Tegen dat we terug in het hotel zijn, zijn mijn schoenen terug afgeleverd. Voor de helft van de projs van de vorige keer, zijn ze nu helemaal rondom gestikt! Ik ga toch geen afstand moeten doen van mijn schoenen, en ga ze nog kunnen gebruiken om rond te dabberen in de modder op de voetbal. 🙂
Nog even eten, douchen en slapen.
Zaterdag, 6 september wordt vooral een lange reisdag. We rijden door naar Aksum.
Zo goed als de ganse weg is inder constructie, dus het gaat bijzonder traag op onverharde wegen. Het is wel een heel mooie tocht door een prachtig landschap. Onderweg wordt er regelmatig gestopt, en lopen we een stukje en pikt Tafari ons verderop weer op. We picknicken ook weer op een mooie plaats. Tegen vijf uur zijn we in Aksum.
In plaats van in het hotel te eten, doen we een poging met een aantal om in het africa hotel te gaan eten. Eerst valt de stroom uit en lezen we de menukaart met de pillamp van de gsm. Wanneer we hebben besteld, komt het meisje terug om te zeggen dat ze eigenlijk zo goed als niets van onze bestelling kunnen maken. We staan dus maar op en lopen weer naar het hotel. Het wordt dan toch daar eten…
Zondag wordt een ganse dag Akum. Het bed was steenhard en de disco tot een uur of een. Niet zo heel super geslapen dus, en mijn knoken laten zich ook voelen. Nadat we de verjaardagstaart van Magda hebben aanschouwd, vertrekken we.
We beginnen met het kasteel van koningin Sheba. De ruĂŻnes zijn eigenlijk opnieuw opgebouwd zoals ze denken dat het moet geweest zijn. Veel zegt het allemaal niet. Na de ruĂŻnes rijden we terug naar het hotel voor een koffie ceremonie voor Magda haar verjaardag en een stuk van de taart.
Vervolgens gaan we weer op pad naar de tombes en de obelisken. Het wordt ook een fikse wandeling vermits de bus niet tot boven kan komen. Onderweg worden we ook belaagd door kindjes die vanalles willen verkopen. Je komt niet van ze af…
Rond een uur of twee zijn we weer beneden aan de boom die dient als herkenningspunt. Ik weet ondertussen dat Peggy en co niet in hetzelfde hotel hebben geslapen, maar wel ergens waar ze overzicht hadden over de kerk en de obelisken. Ik vraag aan Tafari waar dat was en hij regelt een aantal tuc tuc’s om ons er naartoe te brengen. Kunnen lekker eten.
Wanneer we terug afdalen, wordt het behoorlijk donker. Hangt weer regen in de lucht. Samen met Peter, Desiree en Lout ga ik nog de kerk in. Dit is de eerste kerk die wij een beetje kunnen herkennen als kerk. We mogen ook de bijbel zien die 500 jaar oud is. Hij wordt helemaal onder een hoop gordijnen gehaald.
Het museum kunnen we niet bezoeken, vermits de elektriciteit weer uitgevallen is. Je ziet dus geen hand voor je ogen. De ark des verbonds staat in een gebouwtje dat voor niemand toegankelijk is. Is de regen lopen we weer naar het hotel. Gelukkig is het niet zo’n plenspartij als in bahir dar. 🙂
Maandagmorgen loopt de wekker om vier uur af. Om vijf uur begint de processie in het dorp en komt de ark des verbonds naar buiten. Onze gids van gisteren is priester en moet een stuk van de ceremonie leiden. Om half vijf vertrekken we en zet Tafari ons af. Het is nog pikkedonker.
Even paniek als we Andre niet dadelijk kunnen vinden als we aan de ingang van de kerk zijn. Hij is onwel geworden, en flauw gevallen. Hij gaat samen met henk terug naar het hotel.
Het is bijzonder. Om iets voor vijf wordt de ark buiten gedragen en alle mensen zijn in het wit. Er worden kaarsjes aangestoken en gezongen. We zijn de enige toeristen in een zeer grote mensen massa. Jong en oud zingen! We lopen een rondje mee en wachten dan bij de kerk totdat de ark weer wordt binnengedragen. Maar dat duurt een tijdje, dus we lopen terug naar het pleintje waar we normaal de rest van de groep moeten terugvinden. Vermits die duidelijk al weg zijn, gaan we ook maar terug naar het hotel. We zijn nog op tijd om te ontbijten en om acht uur zijn we weg naar Adrigat.